Naar de sjoel van de Liberaal Joodse Gemeente in Amsterdam

“Niet vergeten je paspoort mee te nemen!” Deze tamelijk strenge mail kregen we van onze Grote Organisator Joost Lub ongeveer een week voordat we als kerkuitje naar de liberaal-joodse gemeente in Amsterdam zouden gaan. Het is helaas de realiteit van de joodse gemeenschap in Nederland. Dus mét paspoort troffen we elkaar bij de poort van het indrukwekkende gebouw van de liberaal-joodse synagoge in Amsterdam-Zuid. Alwaar een aardige beveiliger ons binnenliet en we allerhartelijkst verwelkomd werden door Ellis Vyth, rabbijn in opleiding. Op zeer energieke wijze gaf ze ons een inkijkje in de joodse traditie en het leven van de liberaal-joodse gemeente in Amsterdam (de grootste liberaal-joodse gemeente in Europa!).

Het voert veel te ver om hier samen te vatten wat ze allemaal vertelde, maar persoonlijk was ik erg onder de indruk van de levendigheid van deze gemeenschap. Zo hebben ze 170 kinderen in de gemeente van zes tot twaalf (meisjes) of dertien (jongens) jaar, die iedere zondag twee uur les krijgen in klaslokalen boven de synagoge, waarna ze hun bar /bat mitswa doen. Op de grote joodse feesten, zoals Rosj Hasjanna (joods nieuwjaar) en Jom Kipoer (Grote Verzoendag) zitten er wel 800 mensen in de sjoel.

Die sjoel mochten we na de inleiding van Ellis ook in. Het is een prachtige en indrukwekkende ruimte: hoog, licht, vol met symboliek. In het midden stond de bima, zeg maar het preekgestoelte, recht tegenover de Aron Hakodesj, de heilige ark. Dit is de plaats waar de Thora-rollen worden bewaard. Heel bijzonder vond ik het dat speciaal voor ons een Thora-rol uit de Aron werd gehaald en zelfs opengerold, zodat we hem konden zien. Tot slot zong Ellis (die ook ‘chazan’ – voorzanger – in de gemeente is) voor ons in het Hebreeuws het lied waarmee de sjabbat op vrijdagavond als een bruid wordt binnengehaald.

We sloten af met een heerlijke lunch, en werden uitgeluid door de woorden van Ellis Vith dat er weliswaar verschillen zijn, maar dat er toch nog veel meer is dat ons verbindt. Met een hart en hoofd vol indrukken trokken we huiswaarts. Waarbij heimelijk de gedachte bij me opkwam: misschien kunnen we toch eens een antependium aan de katheder hangen, met hetzelfde opschrift als er vóór de Thora-rollen hangt: Da lifnee mi ata omeed – ‘Weet voor Wie je staat’. Met heel grote dank aan Joost en Hetty Lub, Cocky Kroon voor de fantastische organisatie en natuurlijk Jessa van de Vaart, die het contact met Ellis Vyth legde.

 

Ga naar de inhoud